Het gemiddelde akkerbouwbedrijf in de regio Veenkoloniën heeft een omvang van 79 hectare, waarvan ongeveer 53 hectare eigendom. Op dit areaal worden verschillende gewassen verbouwd: 25 hectare graan, 3 hectare TBM-pootgoed, 33 hectare zetmeelaardappelen, 14 hectare suikerbieten en 4 hectare overige gewassen. De financiering van een gemiddeld Veenkoloniaal bedrijf bedraagt circa 9.200 euro per hectare in eigendom. Het zetmeelquotum per bedrijf ligt op 9.150 kg zetmeel.
De 25 procent bedrijven met het hoogste saldo ten opzichte van de norm (kopgroep) scoren ongeveer 500 euro per hectare hoger dan de 25 procent met het laagste saldo ten opzichte van de norm (staartgroep) bedrijven. Op een gemiddeld bedrijf van 80 hectare loopt het verschil op tot 40.000 euro per jaar. Bouwplanspecifiek zijn de verschillen ook groot. Zo presteren de kopgroep bedrijven per hectare zetmeelaardappelen 350 euro beter dan de bedrijven in de staartgroep. Bij suikerbieten is dit verschil zelfs 900 euro.
De netto bewerkingskosten zijn gemiddeld circa 650 euro per hectare en zijn vrijwel gelijk voor de kopgroep en de staartgroep. Dit betekent dat grotere bedrijven er niet of nauwelijks in slagen om de kostprijs per hectare te verlagen door een groter areaal efficiënter te bewerken.
De bedrijfstoeslag die de akkerbouwbedrijven in de Veenkoloniën ontvangen, bedraagt ongeveer 385 euro per hectare. De marge na de verplichte aflossing was dit jaar gemiddeld negatief 80 euro per hectare. De aflossingsverplichting bedraagt op een gemiddeld bedrijf rond de 250 euro per hectare. Een gezonde marge inclusief aflossingsverplichting op deze bedrijven zou minimaal zo’n 100 euro per hectare moeten bedragen. Een positieve marge is immers een buffer voor tegenvallers. Concluderend had een groot deel van de Veenkoloniale bedrijven over 2009 een tekort.
ad
Stel uw vraag of maak een afspraak