Volgens het gerechtshof van Amsterdam hoeft u geen bijtelling over een bestelauto te betalen, als die auto zo vies is en zo erg stinkt, dat de auto uitsluitend of nagenoeg uitsluitend (voor 90% of meer) geschikt is voor het vervoer van goederen.
Een schilder reed rond in een Renault Kangoo (bestelauto) van zijn eigen bv. Daarin zat naast de bestuurderstoel ook een bijrijderstoel. De schilder meende geen forfaitaire bijtelling wegens privé-gebruik auto (meestal 25% van de catalogusprijs)in zijn aangifte te hoeven aangeven. De inspecteur van de Belastingdienst was het niet met hem eens en legde over de jaren 2002 t/m 2004 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting op. [Noot 1]
De schilder verklaarde dat de auto door het gebruik voor schilders- en schuurwerkzaamheden erg vies en vooral ook stoffig was. Daarnaast stonk het voertuig, onder meer door het vervoer van verf en kwastenreiniger. Bovendien was in de laadruimte een kunststofbak aangebracht, die alleen door een garagebedrijf verwijderd kon worden. Hof Amsterdam trok daaruit de conclusie dat de auto uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschikt was voor het vervoer van goederen en in wezen niet geschikt was voor privé-gebruik. Daarom had de schilder terecht de forfaitaire bijtelling achterwege gelaten. [Noot 2]
De uitspraak van het Hof Amsterdam is in lijn met twee arresten van de Hoge Raad uit 2009. Daarin maakte de Hoge Raad korte metten met de stellingname van de fiscus, dat een bestelauto met een passagiersstoel, niet uitsluitend of nagenoeg uitsluitend bestemd is voor het vervoer van goederen. Zie ook onder meer ons eerdere nieuwsbericht daarover.
|
LET OP |
|
Het hof overwoog ook nog dat, ook al zou in dat geval worden geoordeeld dat de auto niet uitsluitend of nagenoeg uitsluitend was bestemd voor goederenvervoer, er toch geen forfaitaire bijtelling gold. Door onder meer te wijzen op zijn twee privé-auto’s, had de schilder volgens het hof voldoende aannemelijk gemaakt dat hij minder dan 500 km privé reed met de auto van de zaak. Wij kunnen ons die redenering van het Hof goed voorstellen. We wijzen u er wél op dat de conclusie van de rechter sterk afhankelijk is van de feiten én hoe de desbetreffende rechter die feiten weegt. Een andere rechter zou wel eens minder snel overtuigd kunnen worden. |
Noten
Noot 1
Sinds 1 januari 2006 wordt bij werknemers, waaronder de directeur grootaandeelhouder (dga), de bijtelling in de loonheffingen verwerkt als loon in natura. Tot die tijd gold echter dat de bijtelling moest worden verwerkt in de aangifte inkomstenbelasting.
Terug naar tekst
Noot 2
Is een auto van de zaak uitsluitend of nagenoeg uitsluitend (voor tenminste 90%) bestemd voor het vervoer van goederen, dan zijn de regels voor de (forfaitaire) bijtelling voor privégebruik niet van toepassing. U moet dan wel een eventueel privégebruik op reële basis berekenen. Dat wil zeggen: u moet het aantal privé-kilometers vermenigvuldigen met de werkelijke kilometerprijs. Maar daarvoor hoeft u geen uitgebreide kilometeradministratie bij te houden en is het aan de inspecteur om aan te tonen dat de aangegeven privékilometers te laag zijn. Overigens doet het er in die gevallen niet toe of u nu wel of niet op jaarbasis meer dan 500 km privé heeft gereden.
Terug naar tekst