Een aantal sectoren heeft hun CAO’s opengebroken en (tijdelijk) aangepast om gebruik te kunnen maken van de regeling onwerkbaar weer, ook wel de regeling Vorst-WW genoemd. Het gaat om bouwbedrijven, schilders, glaszetters, hoveniers & groenvoorzieners, loonwerkbedrijven en schoonmaakbedrijven. Minister Donner heeft deze tijdelijke regeling ingesteld om bedrijven die door de kou bijna geen inkomsten hebben, te helpen overleven. Getroffen werkgevers kunnen nu voor (een deel van hun) werknemers een WW-uitkering bij UWV aanvragen.
Behoort uw bedrijf tot één van de bovengenoemde sectoren? Neem dan zo spoedig mogelijk contact op met uw directe contactpersoon bij (de salarisafdeling van) de GIBO Groep. Bent u geen klant maar wilt u wel onze adviseur inschakelen? Mail ons dan direct.
Hoe werkt de regeling?
Werknemers die ‘in de Vorst-WW komen’, blijven gewoon in dienst. De eerste twee maanden ontvangen ze een uitkering van 75% en in latere maanden 70% van het dagloon. De werkgever vult dit aan tot 100%. In de praktijk betaalt de werkgever het loon gewoon door en maakt het UWV het bedrag aan uitkering over aan de werkgever. De regeling heeft geen gevolgen voor reeds opgebouwde WW-rechten.
Deeltijd WW
De regeling onwerkbaar weer staat ook open voor werknemers die al een Deeltijd WW-uitkering krijgen. De WW-uitkering geldt dan voor de oorspronkelijk ingeplande werkuren. De uren waarvoor de werknemer een WW-uitkering ontvangt gelden voor Deeltijd WW als gewerkte uren.
Voorwaarden
● Als werkgever moet u bij het UWV aantonen dat u er alles aan gedaan heeft om te voorkomen dat het werk stil ligt.
● Uw werknemer kan door onwerkbaar weer niet werken en niet vanwege andere redenen (gebrek aan werk is geen reden).
● De werknemer kan per week minimaal vijf uur niet werken. Werkt de werknemer per week minder dan tien uur, dan geldt dat de werknemer minimaal de helft van die tien uur niet kan werken.
● Onwerkbaar weer valt niet meer onder het normale bedrijfsrisico.