In een groot aantal situaties is levering van bedrijfspanden op basis van de hoofdregels vrij van BTW. Toch kan het ook in die situaties voordelig zijn om de levering met BTW te laten plaatsvinden. Partijen kunnen dan opteren voor een met BTW belaste levering. De koper moet dan verklaren, dat hij het bedrijfspand voor ten minste 90%* voor met BTW belaste prestaties zal gaan gebruiken. Gevolg is dat de verkoper BTW moet afdragen en de koper de aan hem in rekening gebrachte BTW in aftrek kan brengen.
|
Tot 1 januari 2009 moesten koper en verkoper een gezamenlijk verzoek doen bij de inspecteur. Als gevolg van een wetswijziging is dat aparte formele verzoek aan de inspecteur vanaf 2009 niet meer nodig, indien al in een notariële akte geopteerd wordt voor een BTW-levering van de onroerende zaak. |
Hebben de verkoper en koper in 2008 geopteerd voor een levering van een pand met BTW? Dan moet de koper uiterlijk op 28 januari 2010 een schriftelijke verklaring overleggen aan zijn belastinginspecteur en aan de verkoper. In deze verklaring moet hij aangeven, of hij vanaf het moment van aankoop van de onroerende zaak tot en met 2009 het pand voor ten minste 90% heeft gebruikt voor met BTW belaste prestaties. De verklaring moet op 28 januari 2010 bij de inspecteur en de verkoper binnen zijn.
Het is een nogal formeel verhaal, maar het is wel noodzakelijk. Indien blijkt, dat de koper het bedrijfspand in de periode van aankoop tot en met 2009 niet voor ten minste 90% heeft gebruikt voor met BTW belaste prestaties, dan zal de inspecteur BTW bij hem terughalen. Het gaat dan om de BTW, die de verkoper had moeten betalen.
Ook als de koper het pand binnen de twee jaar heeft doorverkocht, moet hij de genoemde ‘90%-verklaring’ afgeven. Deze verklaring moet hij binnen vier weken na de verkoop afgeven bij de toenmalige verkoper en bij zijn inspecteur.
Let op! Dit is een andere situatie dan die waarin er automatisch (verplicht) BTW aan de koper in rekening is gebracht omdat er sprake was van levering van een nieuwbouwpand of van een bouwterrein.
Niet alleen bij verkoop -, maar ook bij verhuur van onroerende zaken met BTW, dient de huurder te voldoen aan het criterium, dat de onroerende zaak voor ten minste 90% (in sommige gevallen 70%) dient te worden gebruikt voor met BTW belaste prestaties. De huurder hoeft in deze situatie slechts een verklaring te verstrekken aan de verhuurder en aan zijn eigen belastinginspecteur indien de huurder in 2009 de onroerende zaak niet voor ten minste 90% (of 70%) voor met BTW belaste prestaties heeft gebruikt. Deze verklaring dient uiterlijk op 28 januari 2010 bij de verhuurder en bij de belastinginspecteur van de huurder binnen te zijn.
* Voor sommige sectoren geldt, dat zij het bedrijfspand maar voor 70% hoeven te gebruiken voor met BTW belaste prestaties. Deze sectoren zijn:
- Werkgeversorganisaties;
- Makelaardijen in onroerende zaken, inclusief het bezorgen van hypotheken en verzekeringen;
- De reisbureaubranche, inclusief het bemiddelen als tussenpersoon bij verzekeringen;
- Juridisch zelfstandige ARBO-diensten.