Op Prinsjesdag heeft het kabinet de volgende vijf fiscale wetsvoorstellen ingediend.
-
Wetsvoorstel Belastingplan 2012
-
Wetsvoorstel Geefwet
-
Wetsvoorstel Wet uitwerking autobrief
-
Wetsvoorstel Wet toepassing dwangsomregeling toeslagen
-
Wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2012
De in de verschillende wetsvoorstellen opgenomen maatregelen moeten leiden tot een eenvoudiger stelsel, een bijdrage leveren aan het herstel van de overheidsfinanciën (door solide belastinginkomsten) en belastingfraude bestrijden.
We hebben voor u de volgende uitsplitsing gemaakt:
-
-
-
Gevolgen voor werkgevers en werknemers
-
-
Hieronder vindt u een samenvatting van de voorgestelde aanpassingen die betrekking hebben op werkgevers en werknemers.
1. Vitaliteitssparen
In 2013 wil het kabinet een nieuwe spaarfaciliteit invoeren, het vitaliteitssparen. Deze faciliteit komt in de plaats van de spaarloon- en levensloopregeling. Deze regelingen komen te vervallen. Voor een uitvoerigere uiteenzetting verwijzen wij u naar onze samenvatting van de voorgestelde wijzigingen voorondernemers en particulieren.
Terug
2. Werkbonus voor 62-plussers
De arbeidskorting voor ouderen en de doorwerkbonus worden vervangen door de werkbonus. De werkbonus geldt voor 62-plussers en bedraagt maximaal € 3.000. Voor een uitvoerigere uiteenzetting verwijzen wij u naar onze samenvatting van de voorgestelde wijzigingen voor ondernemers en particulieren.
Terug
3. Afdrachtvermindering onderwijs
De afdrachtvermindering onderwijs is van toepassing als u als inhoudingsplichtige een beroepspraktijkvormingsplaats aanbiedt aan personen, die in Nederland een bepaalde opleiding volgen. Bepaalde varianten van de afdrachtvermindering onderwijs kunnen als gevolg van de aangekondigde verruiming ook worden toegekend wanneer u een persoon in dienst neemt die elders in de EU of in de EER een opleiding volgt die vergelijkbaar is met de Nederlandse voor de afdrachtvermindering onderwijs kwalificerende opleiding. Het gaat hier om de varianten beroepsbegeleidende leerweg (bbl), beroepsopleidende leerweg (bol) en werkend-leren op hbo-niveau.
Terug
4. Aangescherpte 30%-regeling
Werknemers die naar het buitenland worden uitgezonden of niet in Nederland woonachtige werknemers die naar Nederland worden uitgezonden, kunnen gebruikmaken van een bijzondere kostenvergoedingsregeling, de 30%-regeling. Hiervoor gelden enkele voorwaarden, onder meer dat ze in het bezit zijn van specifieke kennis.
De regeling is een forfaitaire tegemoetkoming voor de extra kosten van het verblijf in het buitenland of in Nederland. Wordt aan de voorwaarden voldaan, dan kan de werkgever, zonder nader bewijs, 30 procent van het loon inclusief de vergoeding (of 30/70 van het loon exclusief de vergoeding) als vrije vergoeding voor de extraterritoriale kosten verstrekken.
Het criterium ‘specifieke deskundigheid’ wordt ingevuld door een salarisnorm. Voor deze salarisnorm wordt aansluiting gezocht bij het inkomenscriterium uit de kennismigrantenregeling voor werknemers van 30 jaar of ouder (€ 50.619 in 2011), met dien verstande dat de salarisnorm voor de 30%-regeling refereert aan het loon dat bij de werknemer wordt belast (het loon exclusief gericht vrijgestelde vergoedingen).
Voor jonge promovendi (nog geen 30 jaar) zal een lagere salarisnorm gelden. Ook voor deze salarisnorm voor in het buitenland gepromoveerde werknemers wordt aansluiting gezocht bij de kennismigrantenregeling, namelijk bij de salarisnorm in die regeling voor kennismigranten die zijn afgestudeerd in Nederland. Dit salariscriterium bedraagt in 2011 € 26.605 per jaar.
De toetsperiode voor de kortingsregeling wordt verlengd tot 25 jaar.
Werknemers die wonen binnen een straal van 150 km van de Nederlandse grenzen komen niet langer in aanmerking.
Terug
5. S&O-afdrachtvermindering
De parameters voor de S&O-afdrachtsvermindering wijzigen weer per 2012. De loongrens en percentages voor de eerste en tweede schijf komen overeen met de parameters van 2008. Het plafond blijft ongewijzigd ten opzichte van 2011.
|
|
2008
|
2009
|
2010
|
2011
|
2012
(BP 2012)
|
2013 e.v.
|
|
Loongrens
|
110.000
|
150.000
|
220.000
|
220.000
|
110.000
|
150.000
|
|
Plafond
|
8 mln.
|
14 mln.
|
14 mln.
|
14 mln.
|
14 mln.
|
8,5 mln.
|
|
1e schijf
|
42%
|
50%
|
50%
|
50%
|
42%
|
45%
|
|
1e schijf starters
|
60%
|
64%
|
64%
|
64%
|
60%
|
60%
|
|
2e schijf
|
14%
|
18%
|
18%
|
18%
|
14%
|
14%
|
Terug
6. Aanpassingen auto van de zaak
Voor wat betreft de wijzigingen ten aanzien van de auto van de zaak verwijzen wij naar onze bijdrage “auto en fiscus”.
Terug