donderdag 11 december 2008
Ondernemers die een nieuwe bestelauto kopen, hoeven geen BPM te betalen.
De vrijstelling wordt toegepast wanneer het kenteken van een bestelauto bij eerste registratie op naam wordt gesteld van een ondernemer in de zin van de omzetbelasting (BTW), die de auto voor meer dan 10% in zijn bedrijf gaat gebruiken. Er hoeft geen verzoek om teruggaaf of vrijstelling te worden gedaan. Voor de beoordeling van de voorwaarden is een koppeling aangebracht met de geautomatiseerde BTW-systemen.
Voldoet een ondernemer aan de voorwaarde dat de bestelauto meer dan bijkomstig zal worden gebruikt in het bedrijf, dan is daarmee de kous af. Daarnaast zal ook het verlaagde ondernemerstarief voor de motorrijtuigenbelasting automatisch worden toegepast.
Particulieren en andere niet-ondernemers die na 1 januari 2007 een nieuwe bestelauto aanschaffen, betalen niet meer de BPM aan de verkoper als onderdeel van de verkoopprijs, maar rechtstreeks aan de Belastingdienst. De belastingdienst stuurt daarvoor binnen een week na de tenaamstelling een aangifteformulier aan de betrokkene, onder vermelding van het door de importeur opgegeven en op het kentekenbewijs vermelde BPM-bedrag. De belasting moet vervolgens op aangifte worden voldaan binnen een maand na tenaamstelling van het kenteken.
Een ondernemer die de bestelauto niet voor meer dan 10% in zijn bedrijf gaat gebruiken krijgt niet automatisch een aangifteformulier. Hij zal het aangifteformulier moeten downloaden via internet of om toezending daarvan moeten verzoeken.
Voldoet de ondernemer voor een bestelauto niet of niet langer aan de voorwaarden, dan moet hij dit zelf melden bij de Belastingdienst.
De bestelauto wordt dan voor de motorrijtuigenbelasting weer ingedeeld in het normale tarief. Gebeurt dit binnen vijf jaar na het in gebruik nemen van de bestelauto, dan moet de ondernemer bovendien op aangifte de (resterende) BPM voldoen. Dat is alleen anders wanneer hij de bestelauto verkoopt aan een andere ondernemer (die de auto voor meer dan 10% gaat gebruiken in zijn onderneming) of wanneer sprake is van export, sloop of diefstal van de bestelauto.